Vallen en weer opstaan. Maar hoe zit het daarna tussen de oren?

Dat sport niet alleen fysiek is, maar ook mentaal weet volgens mij iedereen wel. Niet voor niets werken veel topsporters samen met een mental coach. Nu ben ik maar een simpele hobby fietser, maar ik heb zelf ervaren hoe het is als het dus mountainbiken ook mentaal is.

Valpercentage
In mijn eerste jaren als mountainbiker ben ik niet gevallen, althans ik kan me niet herinneren dat ik met mijn snufferd op de grond heb gelegen. In het begin fietste ik voornamelijk de wat makkelijkere routes en nam ik weinig risico. Dat zal ongetwijfeld mijn ‘valpercentage’ tot nul hebben gebracht. Hoe meer ik ging mountainbiken, hoe beter het ging. Ik ging dus ook wat ruigere paden op en meer risico nemen en dus ging ook mijn ‘valpercentage’ omhoog. Een paar keer ben ik gewoon lullig onderuit gegaan. Ik heb een dual pedaal wat zoveel wil zeggen als aan de ene kant kan in inklikken, aan de andere kant is het een plat pedal. De keren dat ik zo lullig viel, was toen ik vergeten was dat ik ingeklikt zat. Woops. Het leverede wat blauwe plekken op en je hoopt natuurlijk stiekem dat niemand je heeft zien vallen.

Col de Buffère
De meest recente val is van afgelopen zomer. Ik was op vakantie in Serre Chevalier en met een groepje bikers hadden we de Col de Buffère beklommen (wat een pittig ding zeg). Bovenop de col hadden we een picknick en de stemming zat er bij iedereen goed in. Nadat iedereen gegeten en gedronken had, begonnen we aan het downhill stuk. Ik had er zin in, want tegenwoordig vind ik dat downhillen ook wel cool (ik was voorheen altijd meer van het klimmen). “Kom maar op”, dacht ik. De gids had al gezegd dat het eerste stukje vrij pittig zou zijn en als iemand dacht dat het te lastig zou zijn, we beter af konden stappen. Wellicht was ik wat overmoedig of het was de vemoeidheid van de klim (en van al 4 eerdere dagen pittig biken), maar na de eerste paar meters ging het in mijn hoofd niet goed. Ik dacht ineens “Oei, dit is best steil”. “Oei, ik dit gaat mij niet lukken”. En dus ging ik te hard remmen waardoor mijn voorwiel wegschoof en ik vrij hard onderuit schoof.

Ik wilde me niet laten kennen (ik als enige dame in een groepje mannen), dus riep ik dat alles ok was. Waarschijnlijk voelde ik door de adrenaline ook geen pijn. Waar ik de eerste dagen nog voor in het groepje fietste, bungelde ik nu achteraan. En ik zat behoorlijk shaky op de fiets. Het tempo lag hoog en de mannen vlogen echt naar beneden. Zo goed en zo kwaad als het ging, probeerde ik aan te haken en ik was maar wat blij als we even stopten. Uiteindelijk kwamen we in het bos terecht op een heel cool stukje downhill met veel bochten. Werkelijk iedereen vloog hier naar beneden. Was ik dan de enige die moeite had met het tempo en de bochten?

Mountainbiken met een smile
Mijn motto is mountainbiken met een smile. En in 9,9 van de 10 gevallen zit ik ook met een grote grijns op mijn gezicht. Echter stond hier het huilen me nader dan het lachen. Ik was teveel met mijn hoofd aan het biken, wilde koste wat kost de groep bijhouden en uiteindelijk, ja hoor, daar ging ik potverdorie weer onderuit. Kak. En niet dit keer niet eens op een technisch stukje. Gewoon weer lullig gevallen dus. Ik was maar wat blij toen we het bos uit waren en het dorpje inreden. Het begon daar ook nog eens keihard te regen, maar daardoor gingen we even ging schuilen. Hehe, kon ik tenminste bijkomen en even wat eten.

De volgende dag merkte ik pas echt wat de val met mij gedaan had. Om 9:00 uur stond ik alweer klaar voor de volgende tocht, maar echt lekker op de fiets zat ik niet. Dit was de laatste dag en een relatief makkelijke tocht naar Briançon. Niks aan de hand dus zou je denken. In tegendeel. Sommige delen van de route hadden we al eerder in de week gefietst en waar ik er toen nog fluitend doorheen ging, zat ik nu te kloten met versnellingen, pedalen en weet ik wat en moest ik op sommige stukjes gewoon afstappen. Het zat in mijn hoofd duidelijk niet goed.

Dit heeft zich doorgezet tot ver na deze vakantie. Een paar weken later reed ik namelijk de route van Amerongen. Deze trail had ik al talloze keren gereden en zelfs uitgeroepen tot mijn favoriete Nederlandse trail. Nu bakte ik er niets van. Ik was echt aan het harken op de fiets. In een afdaling ging het mis en stuiterde ik van mijn fiets waarbij ik mijn stuitje lelijk bezeerd heb.Weer voelde ik de tranen branden. Ik was ook vooral boos op mezelf. Hoezo kon ik ineens niet meer biken? Ik vond dit toch altijd het allerleukste om te doen? Zet mij op een fiets en ik ben gelukkig. Alleen nu kon ik dat gevoel even niet terughalen…

Plezier teruggevonden
Het heeft echt een paar weken geduurd voor ik het in mijn hoofd weer goed zat. Ik ben begonnen meteen paar een wat eenvoudige route te rijden, gewoon rustig aan. Na een aantal keer merkte ik dat het weer lekker ging. Ik had er weer lol in en durfde steeds harden te gaan! Daarna ben ik weer de wat meer technische parcoursen gaan rijden. En ook dat ging goed en heb ik dus het plezier in het biken weer teruggevonden, want uiteindelijk is er voor mij echt niets leukers!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *